Redactie
Redactie Baby 7 jun 2018

7x borstvoeding geven is niet áltijd makkelijk

Hoe graag je het soms ook zou willen, het geven van borstvoeding gaat niet altijd van een leien dakje. Je kunt bijvoorbeeld last hebben van pijnlijke borsten, stuwing, of misschien heb je wel te weinig melk.  Gelukkig zijn er genoeg tips om de klachten te verminderen of te verhelpen.

Pijnlijke borsten door…
 

1. Stuwing

Na de bevalling komt de melkproductie ten volle op gang, waardoor stuwing kan ontstaan. Je herkent stuwing aan groter wordende borsten die soms ook hard en pijnlijk aanvoelen of rood zijn. Je kunt ook koorts krijgen. Hoewel deze klachten heel pijnlijk kunnen zijn, zijn ze gelukkig wel onschadelijk en verdwijnen ze vaak weer snel. Soms helpt het om de druk wat te verlagen door voor het voeden je borsten te masseren en wat melk eruit te laten lopen. Dit kan ook prima onder de douche. Ook kun je warme kompressen gebruiken om je borsten (én jezelf) wat verlichting te geven. Na het voeden zijn verkoelende kompressen juist heel prettig voor je borsten.

TIP! Meestal duurt het een aantal dagen voordat je borstvoeding goed op gang komt. Je kindje en jij moeten vaak even aan elkaar wennen. Lees meer over hoe je borstvoeding kunt stimuleren.

2. Pijnlijke tepels en tepelkloven

Vaak komen zere -of zelfs bloedende tepels en tepelkloven – doordat je je baby niet in de juiste houding hebt gevoed of doordat je hem niet goed hebt aangelegd. Zorg er daarin voor dat je het van het voeden geen haastklus maakt. Neem er juist voldoende tijd voor. Je kunt je baby zowel liggend als zittend voeden, zolang je maar een fijne en comfortabele positie aanneemt met voldoende steun voor je rug en arm. Leg je baby met zijn buik tegen jouw buik en leg het hoofd en het lichaam van je kind in één rechte lijn. Daarna kun je je baby aansporen om te gaan drinken door je tepel zachtjes tegen zijn bovenlip te duwen. Na het toehappen en aanleggen ligt het hoofd van je kind achterover, drukt zijn kind tegen je borst en is de onderlip naar buiten gekruld. Je baby geeft daarna vanzelf aan als hij genoeg heeft gehad.

3. Spruw

Heb je last van rode, pijnlijke en jeukende tepels? Dan kan het zijn dat je last hebt van spruw. Spruw is een schimmelinfectie die meestal op de huid voorkomt. Je kunt de infectie doorgeven aan je baby door de borstvoeding of juist bij het verschonen van de luier. De schimmelinfectie bij je kind is te herkennen aan witte plekjes in zijn mond of op de geslachtsdelen. Bij de huisarts zijn hier speciale druppels voor te krijgen.

Problemen met hoeveelheid borstvoeding
 

1. Voeden met één borst

Soms heeft je baby voorkeur voor één borst. Absoluut niet erg, maar het is wel fijn als je borsten evenveel melk afgeven. Dit kun je stimuleren door je kind -in dezelfde positie als aan de andere borst – eerst aan de borst te leggen die hij het minst fijn vindt. Daarna ‘schuif’ je je baby gewoon door.

Tip! Het geven van borstvoeding vergt in het begin best wat oefening voor jou en je kindje. Lees hier meer praktische tips.

2. Verstopt melkkanaal

Als je borsten warm aanvoelen, rood zijn en je harde plekken kunt voelen, kan het zijn dat je een verstopt melkkanaal hebt. Er zijn twee soorten verstoppingen. Bij de ene verstopping heb je een wit puntje op je tepel die je vaak makkelijk kunt verwijderen met je – schone – vingernagel als je huid zacht is. Bij de andere verstopping heb je een pijnlijke en harde plek in je borst en is de huid eromheen ontstoken. Dit is hét teken dat je een verstopt melkkanaal hebt óf een borstontsteking (mastitis). Probeer bij een verstopt melkkanaal om je baby zo vaak mogelijk aan te leggen en laat hem je borst zo goed mogelijk leegdrinken. Ook kan het helpen om zo min mogelijk strakke shirtjes of bh’s te dragen, net als een warm kompres of een massage. Als de verstopping binnen 24 uur niet weg is, kun je advies vragen aan je lactatiekundige of het consultatiebureau.

3. Lekkende borsten

Lekkende borsten kunnen ontstaan doordat er te veel melk in je borsten zit of doordat het toeschietreflex wordt gestimuleerd. Dit reflex zorgt ervoor dat er melk vrijkomt. Door regelmatig voeden gaan je borsten steeds minder lekken. Vaak mindert of stopt dit na tien weken. In de tussentijd kun je borstkompressen in je bh stoppen, maar het is wel belangrijk om deze geregeld om te ruilen om zo infecties te voorkomen.

4. Te veel of te weinig melk

De ene baby is ontzettend gulzig, terwijl de andere baby niet zo’n drinker is. Dit kan invloed hebben op de hoeveelheid melk die je lichaam aanmaakt. Bij een gulzige baby maakt je lichaam automatisch meer melk aan en het tegenovergestelde gebeurt bij de minder gulzige drinker. Als je het idee krijgt dat je lichaam te weinig melk aanmaakt, kun je dit verhogen door je kind zo vaak mogelijk aan te leggen en de melkproductie in stand te houden.

Tip! Hoe vaak en wanneer geef je borstvoeding? Die vraag stellen veel kersverse moeders. In principe geldt: voed wanneer je kindje daarom vraagt, want daarmee houd je de melkproductie op gang. En dat betekent dus ook ’s nachts voeden.

Reageer op artikel:
7x borstvoeding geven is niet áltijd makkelijk
Sluiten