Bloedonderzoek tijdens je zwangerschap

“Als het maar gezond is”, antwoorden veel aanstaande ouders op de vraag of ze liever een jongetje of een meisje willen. En zo’n gezond kindje, daar doe je waarschijnlijk ook veel moeite voor. Je hebt je voeding aangepast, bent gestopt met roken – als je dat al deed – en drinkt weinig tot geen alcohol meer. Toch kan je kindje ziek worden omdat jij, zonder dat je daarvan op de hoogte was, een virus of bacterie in je bloed hebt. Bloedonderzoek tijdens je zwangerschap helpt zoiets tijdig te ontdekken en indien nodig te behandelen.

Een bloedonderzoek is een standaardonderzoek, het wordt dus bij iedere zwangere in Nederland uitgevoerd. Hiertoe wordt tijdens je een van je eerste bezoeken aan de verloskundige, huisarts of gynaecoloog wat bloed afgenomen. Dit bloed wordt onderzocht op de rhesus-D-factor, de aanwezigheid van diversen antistoffen, hepatitis-B en Lues (syfilis).

Rhesus-D-factor

Je bent rhesus-D-positief wanneer deze stof in je bloed aanwezig is. Een positieve rhesusfactor heeft geen gevolgen voor de zwangerschap. Heb je die stof niet in je bloed, dan ben je rhesus-D-negatief. Zestien procent van de Nederlandse vrouwen is Rhesus-D-negatief. Een Rhesus-D-negatieve zwangere vrouw heeft bijzondere aandacht nodig om complicaties bij een eventueel rhesus-D-positieve baby te voorkomen. Tijdens de zwangerschap is er een kleine kans aanwezig dat er een beetje bloed van de baby in de bloedbaan van de moeder komt. Tijdens de bevalling is die kans nog groter. Als het bloed van de rhesus-D-positieve baby in de bloedbaan van de rhesus-D-negatieve moeder komt, dan kan de moeder afweerstoffen tegen dat bloed gaan aanmaken. Deze antistoffen kunnen via de navelstreng het bloed van de baby bereiken en afbreken. Hierdoor wordt de baby ziek.

Rhesus-D-negatief

Als je rhesus-D-negatief bent, wordt je bloed in week 30 opnieuw onderzocht, nu op eventuele antistoffen. De kans hierop is heel klein. Als je nog niet eerder bent bevallen, krijg je daarna een injectie met anti-D. Deze injectie zorgt ervoor dat de kans kleiner wordt, dat jij zelf antistoffen gaat aanmaken die de baby ziek maken. Het is belangrijk, dat je deze prik pas krijgt wanneer het bloed al is afgenomen. De baby heeft geen last van deze injectie en loopt geen enkel gevaar.

Na de bevalling

Na de bevalling wordt de rhesus-D-factor van de baby bepaald. Wanneer de baby rhesus-D-positief is, is het noodzakelijk dat je nogmaals een injectie met anti-D krijgt. Dit voorkomt dat je antistoffen aanmaakt, die in een volgende zwangerschap problemen kunnen veroorzaken.

Hepatitis-B

Hepatitis-B is een infectieziekte van de lever die wordt veroorzaakt door een virus. Ongeveer vier op de duizend vrouwen zijn drager van dit virus. De meeste zijn geboren in landen waar deze ziekte veel voorkomt. Het dragen van hepatitis-B geeft in de meeste gevallen geen klachten. In andere gevallen kan er sprake zijn van vermoeidheid en geelzucht. Een besmetting kan zijn opgelopen bij de geboorte, via geslachtsgemeenschap of via het bloed van iemand die de ziekte heeft. Het bloedonderzoek kan aantonen of je het virus draagt; in dat geval is er een risico dat de baby wordt besmet. Toch hoeft je kind niet ziek te worden; na de geboorte worden injecties gegeven om hepatitis te voorkomen. Ook wordt met jullie besproken hoe de kans op besmetting zo klein mogelijk kan worden gehouden.

Lues

Lues (syfilis) is een Seksueel Overdraagbare Aandoening (SOA), een geslachtsziekte dus. In Nederland wordt deze infectie jaarlijks bij enkele tientallen zwangere vrouwen aangetroffen. Wanneer deze infectie vroeg in de zwangerschap wordt behandeld, zijn er geen gevaren voor de baby in de baarmoeder. Wordt deze ziekte niet ontdekt, dan loopt je baby een groot risico in de baarmoeder te overlijden of ernstig ziek te worden geboren. Daarom krijgen vrouwen bij zwangerschap altijd het advies zich te laten testen op Lues, ook wanneer je denkt weinig of geen kans op deze ziekte te hebben. Soms laat het bloedonderzoek zien dat er mogelijk wat aan de hand is. Bij ongeveer de helft van de vrouwen blijkt het dan alsnog om ´vals alarm´ te gaan. Vaak gaat het dan om een andere infectie, die ooit eens is opgelopen.

Rode hond

Wanneer niet duidelijk is of je ooit bent gevaccineerd tegen rode hond, of wanneer je in het buitenland bent geboren, wordt er ook onderzoek gedaan naar antistoffen tegen deze ziekte. Als je geen antistoffen tegen rode hond hebt, kan een infectie tijdens de zwangerschap aangeboren afwijkingen bij de baby veroorzaken, zoals aangeboren doofheid. Als er geen antistoffen zijn gevonden in het bloed, kun je in of na het kraambed gevaccineerd worden. In een volgende zwangerschap heb je dan geen gevaar meer voor besmetting met rode hond.

Reageer op artikel:
Bloedonderzoek tijdens je zwangerschap
Sluiten