Rhesus-negatief als je zwanger bent; wat betekent dat?

Gefeliciteerd, je bent zwanger! Een spannende periode breekt aan, waarin een klompje cellen uitgroeit tot een volwaardige baby. Ook zal er tijdens je zwangerschap bloedonderzoek worden gedaan. Hier kan uit komen dat je Rhesus-negatief bent.

Wat betekent dat precies, voor jou en je kindje? Wat zijn de mogelijke gevolgen en is behandeling mogelijk? Wij leggen het uit in dit artikel.

Bloedgroep en Rhesus factor

Als je zwanger bent, zal je voor verschillende doelen bloedonderzoek laten doen. Denk aan prenatale screening, zoals de NIPTest, maar ook om in eerste instantie te bepalen welke bloedgroep je hebt.
Er zijn vier verschillende bloedgroepen: A, O, B en AB. Van alle vier deze opties komen ook nog twee varianten voor: negatief of positief. Dit zegt meer over je rhesusfactor.

Heb jij een bloedgroep die positief is? Dan betekent dit dat je een eiwit, genaamd D-antigeen, op de oppervlakte van je rode bloedcellen hebt. Dit betekent dat je rhesus-negatief bent. Heb je een negatieve bloedgroep, dan heb je dit D-antigeen niet.
Ongeveer 15% van alle vrouwen heeft een positieve bloedgroep, wat betekent dat zij rhesus-negatief zijn. Dit is van geen enkele invloed op jouw gezondheid. Maar zodra je zwanger wordt, kan dit toch gevolgen hebben voor jou en je baby.

Rhesus-negatief en zwanger

Er werd een lange tijd gedacht dat baby’s dezelfde bloedsomloop deelden met hun moeders. Dit blijkt echter niet juist te zijn. Baby’s beschikken over een eigen bloedsomloop, en kunnen dus, aangezien zij deels bestaan uit het genenmateriaal van je partner, een andere bloedgroep hebben.

Als je als vrouw rhesus-negatief bent, wat betekent dat je een positieve bloedgroep hebt, maar je baby heeft een negatieve bloedgroep, kan dit gevolgen hebben.
Er bestaat een kans dat het D-antigeen dat jij als rhesus-negatief zijnde aanmaakt, ervoor zorgt dat je antistoffen aanmaakt tegen het bloed van jouw baby. Hoewel een baby over een eigen bloedtoevoer beschikt, zal er namelijk altijd een klein beetje bloed van baby en moeder mengen. Jouw bloed als moeder herkent dit bloed als vreemde stof, en kan het daardoor mogelijk aanvallen en onschadelijk maken.

Als je voor het eerst zwanger bent, en jij bent rhesus-negatief maar je kind niet, dan is er vaak niets aan de hand. Jouw lichaam maakt op een heel traag tempo antistoffen aan, die jouw eerste kindje nauwelijks beïnvloeden. Vaak komen jullie verschillende bloedgroepen pas echt met elkaar in aanraking tijdens de bevalling, en dan is jouw baby al veilig voor de antistoffen.

Lees ook: Alles dat je moet weten over de NIPTest

Gevolgen voor de baby

Maar als je voor een tweede keer zwanger wordt, en ook deze baby heeft een negatieve bloedgroep, dan zal jouw lichaam in veel sneller tempo antistoffen aanmaken.
De antistoffen blijven namelijk in het bloed van de moeder aanwezig, en die kunnen bij een volgende zwangerschap sneller worden doorgegeven aan je baby, via de placenta. Deze antistoffen kunnen de rode bloedcellen van je ongeboren baby afbreken, waardoor er een risico op bloedarmoede ontstaat.

Jouw kindje kan hier heel erg ziek van worden, soms zo ernstig dat het in de baarmoeder al een bloedtransfusie nodig heeft. Als je baby ziek wordt geboren, heeft het vaak een gelige kleur. Dat wordt rhesusziekte genoemd. Het afbraakproduct in het bloed van je baby dient zo snel mogelijk verwijderd te worden. Dit kan via UV-licht. In de ernstigste gevallen zal al het bloed van je baby vervangen moeten worden met een wisseltransfusie, maar dit komt zelden voor.

Het voorkomen voor rhesusziekte

Gelukkig is van het bovenstaande scenario tegenwoordig nog maar weinig sprake. Als jij als zwangere vrouw rhesus-negatief blijkt te zijn, en de baby een positieve bloedgroep heeft, zal je rond 30 weken zwangerschap een rhesusprik krijgen.

Deze prik wordt gemaakt uit menselijk plasma, dat afkomstig is van vrijwillige, Nederlandse donors. De rhesusprik bevat antistoffen die de rhesus (D)-positieve rode bloedcellen van het kind, die mogelijk in de bloedbaan van de moeder zijn gekomen, opruimen. Hierdoor zal het lichaam van de moeder de rode bloedcellen van haar kind niet op tijd als lichaamsvreemd herkennen. Er zullen daarom geen antistoffen aangemaakt worden. Rhesusziekte wordt zo voorkomen. Dankzij de huidige methoden om rhesusziekte te voorkomen en te behandelen is de ziekte nog maar zelden dodelijk voor het kind.

Omdat deze rhesusprik bestaat uit menselijke stoffen, zijn zwangere vrouwen met rhesus-negatief bloed afhankelijk van donoren. Mensen die rhesus-negatief zijn en veel antistoffen hebben opgebouwd, kunnen bloed doneren. Dit betreft slechts een kleine groep.

Ben jij benieuwd of je donor zou kunnen zijn, of doneer je graag bloed? Kijk dan op de website van Sanquin.

Lees ook: Zwanger en de NIPT: hoe groot is de kans op een afwijking per leeftijd?

Reageer op artikel:
Rhesus-negatief als je zwanger bent; wat betekent dat?
Sluiten