Zwanger: onderzoeken & echo’s

Echo, vruchtwaterpunctie, CTG-onderzoek… soms gaat je hoofd ervan duizelen. Wat betekenen deze onderzoeken, waarvoor zijn ze nodig en wat gebeurt er tijdens zo’n onderzoek? Moet je echt alles laten doen, of kun je er ook een paar uitkiezen?

De meeste zwangerschappen gaan gewoon goed. In dat geval zal er – behalve misschien een echo – geen verder onderzoek gedaan worden. Wanneer je op oudere leeftijd zwanger bent, er erfelijke ziektes in de familie voorkomen of je bijvoorbeeld een verhoogd risico op een miskraam loopt, is nader onderzoek soms wel nodig. Uiteraard worden al deze onderzoeken in overleg tussen jou en je verloskundige of gynaecoloog gedaan.

Echo

De echo is waarschijnlijk het meest bekende prenatale onderzoek. Bij een echo wordt een apparaatje dat geluidsgolven uitzendt over je buik gehaald. Door de weerkaatsing van deze geluidsgolven krijg je de baby op een scherm te zien. Een echo wordt gemaakt om bijvoorbeeld de duur van je zwangerschap vast te stellen. Wanneer er sprake is van afwijkingen, groeiachterstand of misschien wel een tweeling in je buik, zal deze echo regelmatig worden gemaakt. Sommige vrouwen vinden zo’n ‘foto van vóór de geboorte’ zo leuk dat ze een pret-echo laten maken, een echo zonder medische indicatie dus.

Vruchtwaterpunctie

Bij een vruchtwaterpunctie wordt een beetje vruchtwater afgezogen door middel van een naald die via de buikwand naarbinnen gaat. Het opgezogen vruchtwater wordt gebruikt voor een chromosoomonderzoek, dat bijvoorbeeld kijkt naar aanwezigheid van het Syndroom van Down. Je partner mag erbij zijn en de test is in ongeveer vijf minuten gepiept, dus je kan weer snel naar huis.

CTG

Het CTG-onderzoek registreert de harttonen van de baby. De uitslag is te zien in een grafiekje. Dit onderzoek wordt gedaan wanneer de baby niet goed groeit of wanneer je minder beweging in je buik voelt. Ook wordt op deze wijze de weeën-activiteit tijdens de bevalling gemeten.

Vlokkentest

Een vlokkentest is eigenlijk net als de vruchtwaterpunctie een chromosoom-onderzoek. Alleen wordt er hierbij wat weefsel van de placenta (moederkoek) weggenomen voor onderzoek. Dit kan via de vagina of de buik. Hierbij mag je partner aanwezig zijn. Het onderzoek is in ongeveer een kwartiertje gebeurd en een half uur daarna kun je naar huis.

Navelstrengpunctie

Wanneer na een echo duidelijk is dat de baby een chromosoom-afwijking kan hebben, kan het nodig zijn om het bloed van de baby te onderzoeken. Via de buikwand wordt er bloed uit de navelstreng gehaald. Dit onderzoek wordt ongeveer vanaf de achtiende week uitgevoerd.

Reageer op artikel:
Zwanger: onderzoeken & echo’s
Sluiten