Zo lees je voor!

Redactie 6 jun 2018 Dreumes

Voorlezen is niet alleen gezellig en leuk, maar het is ook nog eens heel goed voor de ontwikkeling van je kind. Je stimuleert de fantasie, taalontwikkeling en creëert een moment voor jullie twee.

3 maanden

Al vanaf dat je baby nieuwsgierig om zich heen kijkt kun je beginnen met voorlezen. In een kartonboekje bekijk je samen de plaatjes (liefst van herkenbare onderwerpen), wijs ze aan en benoem ze.

2 – 4 jaar

Peuters vinden het leuk om een kort verhaal te horen bij de plaatjes die je laat zien. Vanaf drie of vier jaar mogen de verhaaltjes al moeilijker zijn. De prenten blijven belangrijk en eenvoudige teksten met rijm en herhaling doen het goed. Daardoor word je kind gestimuleerd om mee te denken, te onthouden en de zinnen aan te vullen.

5 jaar en ouder

Vanaf nu kun je langere verhalen gaan voorlezen. Het is leuk om samen te voorspellen hoe het gaat aflopen of na te praten over een bepaald karakter. Geef tijdens het voorlezen meer aandacht aan moeilijke woorden, zo leert kind die vanzelf kennen.

Wist je dat voorlezen…

  • De woordenschat vergroot?
  • De fantasie prikkelt?
  • Sociaal-emotionele vaardigheden stimuleert?
  • Bijdraagt aan taalgevoel en -begrip?
  • Motiveert om zelf te leren lezen?

10 Handige voorleestips

Niet iedereen kan zo goed voorlezen als meneer Aart uit Sesamstraat. Daarom wat tips:

  1. Zorg voor een vast voorleesmoment, bijvoorbeeld voor het slapen. Zo kan je kind zich erop verheugen en zich volledig concentreren.
  2. Kies een boek dat niet alleen je kind, maar ook jij leuk vindt om voor te lezen. Dat helpt bij het spontaan vertellen van het verhaal.
  3. Lees een nieuw boekje altijd even zelf door. Zo kun je alvast de moeilijke woorden spotten en stemmetjes of vragen bedenken.
  4. Maak gebruik van je stem, varieer in hoog en laag, snel en langzaam zodat het verhaal interessant wordt. Als je hele lichaam mee beweegt is het helemaal fantastisch!
  5. Zorg dat het boekje aansluit bij de belevingswereld van je kind, anders is de aandacht zo weg.
  6. Herhaling is goed voor je kind. Lees daarom vaker hetzelfde verhaal voor. Elke keer pikt je kind weer nieuwe dingen op.
  7. Luistert je kind niet goed? Gebruik dan dingen, zoals een knuffel of pop, die je bij het verhaal kunt betrekken.
  8. Geef af en toe de kans om op het verhaal te reageren, zo houd je het levendig. Bekijk de plaatjes en vraag hem wat er te zien is.
  9. Lees niet te lang voor, stop met voorlezen als de aandacht echt teveel verslapt.
  10. Praat na over het verhaal, bijvoorbeeld de volgende dag. Wat was er spannend en leuk? Of laat je kind het tegen zijn zus of broer vertellen. Dit versterkt de verhaalbelevenis en stimuleert de fantasie.
Reageer op artikel:
Zo lees je voor!
Sluiten