Ovulatie: ovulatietesters

Ovulatie: ovulatietesters

Het bepalen van je vruchtbare periode kan op verschillende manieren. Je kunt een ingewikkelde wiskundige formule op je menstruele cyclus loslaten, maar plassen op een staafje is ook een optie. Hoe werkt dat eigenlijk, zo’n ovulatietest?

Ovulatietesters zijn – net als de bekende zwangerschapstesten – zelftesten die op basis van urine werken. Je berekent ermee op welke dagen je de meeste kans hebt om zwanger te raken.

Hoe werkt het?

De dagen rond je eisprong heb je de meeste kans dat er ‘raak geschoten’ wordt. Sommige vrouwen voelen wanneer ze een eisprong hebben, maar de meeste van ons hebben dat geluk niet. Ovulatietesters zijn dan simpele hulpmiddelen om aan te tonen wanneer die eisprong plaatsvindt. Dit doen ze door te speuren naar het luteïniserend hormoon.

luteïniserend hormoon

Om de begrijpen hoe dat precies zit met die hormonen, moet je eigenlijk eerst weten hoe die menstruele cyclus precies in zijn werk gaat. Je kunt de menstruele cyclus onderverdelen in vier perioden: de folliculaire fase (waarin de eicel rijpt), de ovulatie zelf, de luteale fase (de fase waarin de baarmoeder zich klaarmaakt voor een eventuele innesteling van een bevruchte eicel) en tenslotte de menstruatie, waarbij de baarmoeder de niet bevruchte eicel afstoot.

Graafse follikel

Zoals gezegd begint je menstruele cyclus met de groei en rijping van een nieuwe eicel. Dat proces speelt zich af in een blaasje dat samen met de rijpende eicel follikel wordt genoemd. De follikel rijpt direct na de menstruatie in één van de eierstokken tot een rijpe follikel, de Graafse follikel genoemd. Dit is een blaasje gevuld met vocht waarin de eicel ligt. De groei en rijping van zo’n eicel gebeurt onder de invloed van het luteïniserend hormoon (LH) en het follikel stimulerend hormoon (FSH). Beide hormonen worden aangemaakt door een klein orgaantje bij de hersenen, de hypofyse. De follikel zelf is een producent van oestrogenen, die op hun beurt de baarmoederhals en de slijmprop die zich daarin bevindt beïnvloeden. Zij maken dit slijm namelijk toegankelijk voor zaadcellen en zorgen dat de baarmoederhals zich iets opent. Wanneer de follikel aan de piek van zijn oestrogeenproductie zit (op het moment dat hij helemaal rijp is) begint de hypofyse meer LH uit te scheiden. Dat stimuleert het vrijkomen van de eicel uit de Graafse follikel. De eisprong vindt zo’n 36 uur na het begin van de LH piek plaatst. Die LH piek is dus niet alleen onmisbaar voor het goed functioneren van het vrouwelijk lichaam, maar ook - én dat is belangrijk wanneer je wilt weten wanneer je een eisprong hebt – goed te meten. Ovulatietesters sporen het luteïniserend hormoon (LH) in je urine op, zodat je precies weet wanneer je de meeste kans op zwangerschap hebt.

Wanneer in de cyclus testen?

Et juiste tijdstip om met testen te beginnen, bepaal je aan de hand van de lengte van je cyclus. Hiervoor moet je dus bijhouden wanneer je ongesteld bent geworden en hoe lang je menstruatie duurt. Begin je bijvoorbeeld met menstrueren op de eerste dag van een maand en begint je volgende menstruatie op de 31e van dezelfde maand, dan heb je een cyclus van dertig dagen. Wanneer je niet helemaal zeker bent over de duur van jouw cyclus, houd deze dan vier maanden bij en kies de kortste cycluslengte. In de bijsluiters van de ovulatietesten staat op welke dag je met jouw cycluslengte kunt beginnen met testen. Je kunt hiervoor het teststaafje in je urine dopen, of onder de urinestraal houden. Lees even de gebruiksaanwijzing om te zien wat voor jouw ovulatietester de beste manier is. Je test dus niet iedere dag je urine, maar slechts een dag of vijf per maand.

Urinemonsters

De tijd waarop je test maakt in principe niet zo heel veel uit. De testen van tegenwoordig zijn inmiddels zo geavanceerd dat je niet per sé ochtendurine nodig hebt. Wel is het zo dat urinemonsters genomen tussen tien uur ’s morgens en acht uur ’s avonds de LH piek eerder aangeven dan urinemonsters van later in de avond. De urine moet bovendien tenminste vier uur in je blaas hebben gezeten. Wanneer je iedere dag op hetzelfde moment test is daarbij de kans minder groot dat je het een keer vergeet. Na iedere test kun je zien of je een LH piek hebt en daarmee je kans op een ‘vrijpartij met resultaat’ vergroten. Vaak zie je een gekleurde lijn in een venstertje op de teststick bij zo’n LH piek. Je twee meest vruchtbare dagen gaan in zodra je de LH piek hebt gevonden. Als je de 48 uur daarna seks hebt, heb je de meeste kans om zwanger te raken. Zodra je de LH piek hebt gezien, hoef je niet verder te testen. De overgebleven teststaafjes kun je – indien nodig – de maand erop gebruiken.

Storingen

Er zijn een aantal zaken die de betrouwbaarheid van de test kunnen beïnvloeden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan pilgebruik. Wanneer je net gestopt bent met de anticonceptiepil kan je menstruatiecyclus nog enige tijd onregelmatig zijn. Je kunt dan het beste wachten met het gebruik van een ovulatietester tot je tenminste twee normale menstruatiecycli doorlopen hebt. Ook wanneer je net zwanger bent geweest of in de overgang bent, kun je een misleidend resultaat krijgen. Verder hebben behandelingen met vruchtbaarheidspreparaten die LH of het zwangerschapshormoon Humaan Chorioon Gonadotrofine (HCG) invloed op de betrouwbaarheid van de testers.

Geen LH piek gemeten?

  • Je hebt deze cyclus geen LH piek gehad (dan komt soms voor)
  • Je hebt eventueel te vroeg of te laat tijdens je cyclus getest
  • De hoeveelheid LH in de urine is te klein om te meten

Geschreven door: Redactie